15.4.16

Mevrouw Pistache



Men waarschuwde mij al voor haar. De mevrouw van IJssalon Pistache. Want ook al is alles in haar salon roze, spaart ze koelkastmagneten die met het thema ijs te maken en hebben en spreekt ze kinderen aan met teksten als: 'Beste afzwemmers en jarigen, komen jullie het Mickey Mouse-ijsje of toverfee-ijsje binnen 1 week halen?', toch moet je op je hoede zijn. Zo schijnt. Haar uitstraling en toon is gezellig en vriendelijk, maar o wee als er iets niet gaat zoals mevrouw Pistache dit het liefste ziet; dan kan de sfeer in de salon zomaar ineens helemaal omslaan. Zo bestelde er ooit iemand een combinatie van twee bollen ijs waar mevrouw Pistache niet achter stond. Hij kreeg het ijsje niet mee, en heel gezellig werd het die avond ook niet meer.

Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dus daar ging ik. Toen ik de ijssalon binnenstapte vroeg ik me af: waarom is alles hier roze? Mevrouw Pistache gaf me direct antwoord, middels een duidelijke uitleg op de muur. Op een roze bord met daarop een afbeelding van een goed gevulde oubliehoorn staat met duidelijke, ronde, vrolijke letters geschreven: 'Bij roze denk je aan zoet. Van roze word je vrolijk. Roze past perfect bij ijs.' Oké, helder. Maar er volgt nog een aanvulling:  'bij groen denk ik aan bomen en planten' en 'mango vond ik ook leuk, maar is al in gebruik' en: 'Torino, Rome of Pisa past niet bij mij'.  Dat het maar duidelijk is, waar mevrouw Pistache aan denkt, en wat bij haar past.

Ik houd toevallig ook veel van ijs en ook van roze en mevrouw Pistache glimlacht zowaar ook nog naar me, dus voor mijn gevoel kan het vandaag onmogelijk verkeerd gaan. Vol vertrouwen wacht ik op mijn beurt en bekijk ik de foto's van de kinderen die - binnen een week na hun verjaardag of afzwemmen- hun Mickey Mouse of toverfee ijsje ophaalden. Ze zien er over het algemeen best gelukkig uit. Ik probeer maar even niet te denken aan de kinderen die later dan zeven dagen de salon binnenstapten met hun zwemdiploma op zak.

Dan ben ik aan de beurt. Een jong meisje met lang bruin haar vraagt wat ik wil hebben. Ik twijfel geen seconde en ga voor mijn lievelings versie: een wafel met ijs en slagroom. Ik zie het meisje ietwat onzeker kijken. Met mijn liefste: 'eerste dag? geen probleem! blik' kijk ik het meisje aan. Ze kijkt om zich heen en zoekt oogcontact met mevrouw Pistache, die op dat moment zeer geconcentreerd de bak met discodip aan het bijvullen is. 

Het meisje wacht geduldig totdat haar baas klaar is en vraagt haar dan: 'verkopen wij wafels?'. Mevrouw Pistache geeft geen antwoord op de vraag, maar kaatst de bal terug. Ze zegt: 'wat denk je? Denk je dat wij wafels verkopen?'. Het meisje gaat met haar hand door haar haar en zegt dan: 'Eh... ja!.' Mevrouw Pistache vervolgt: 'en waar zouden die dan moeten liggen?'. Er ontstaat een scene waarbij Pistache het meisje meeneemt naar achter en een gecodeerde doorzichtige plastic bak uit de voorraadkast schuift. Ik hoor Pistache en het meisje niet meer, maar het is wel duidelijk dat ze uitleg krijgt over de wijze waarop wafels bewaard dienen te worden, en de wijze waarop je wafels uit de doos pakt en meeneemt naar voren. Misschien vertelt Pistache haar zelfs nog wat informatie over de oorsprong van ijswafels, of neemt ze de ingrediënten van het koekje door. 

Na de wafelscene beginnen we dan eindelijk met het ijs. Ik twijfel nog even over iets met cheesecake, basilicum of stukjes koek, maar besef me meteen dat we het voor ieders plezier maar beter wat simpel kunnen houden en bestel een bolletje vanille met een portie slagroom. 'OEI', hoor ik Pistache zeggen. Haar ogen kijken me doordringend aan. Dan vervolgt ze tegen het meisje: ' één bol ijs, dat gaat niet op een wafel. Dat werkt niet. Dat gaat gewoon niet.'. Maar voordat iedereen in paniek raakt gaat ze positief verder: 'maar gelukkig wil deze mevrouw slagroom, want met slagroom, gaat het dus wel!'. Ik kan wel janken van geluk. Maar voordat we aan hoofdstuk drie: slagroom toekomen, moet ik eerst nog maar eens zien dat we de ijsscene overleven. There we go.

Pistache recht haar rug, kijkt strak naar voren en maakt dan een zeer, zeer platte hand. Waterpas, ik zweer het. Ze zegt: 'bij het maken van een wafel is het essentieel dat je de wafel altijd op een platte hand legt. Alleen dan zal het gewicht van het ijs de wafel niet doen breken'. Het meisje kijkt steeds nerveuzer, maar is zeer geconcentreerd en wil er vol voor gaan. Ze maakt een platte hand, schept een bol vanille-ijs uit de vitrine en we zien  het ijs langzaam neerdalen op de wafel, die heel blijft. Ik kijk achterom en verwacht dat de overige bezoekers beginnen met klappen en juichen, maar het is muisstil. Je kunt een spikkel horen vallen.

Op naar de slagroom. Het meisje gaat met platte hand, wafel en ijs richting de slagroommachine. Pistache maakt ondertussen een nieuwe bestelling, maar is tevens ook met haar volle aandacht bij mijn wafel. Mijn hart gaat sneller kloppen. Seconden lijken minuten te duren. Minuten uren. Uren dagen. Ik probeer me te concentreren op mijn ademhaling. Dan draait het meisje zich om en lacht. Op haar platte hand zie ik mijn wafel perfect gevuld met ijs en slagroom. Zelfverzekerd pakt het meisje wafel nummer twee en drukt deze op het ijs. KRAK...Pistache laat haar portioneerlepel langzaam vallen en draait haar hoofd naar links. Hier kan niemand meer omheen. De wafel is gebroken. 

Het meisje zwijgt. Pistache zucht. Iedereen denkt hetzelfde. Het ging zo goed. Dan zegt Pistache: 'zou jij zelf een gebroken wafel willen krijgen? Nee toch zeker?' Pistache verwijdert de wafel, geeft het meisje een reprimande over de hoeveelheid afgenomen slagroom en loopt dan naar achter om een nieuwe wafel te halen. Ze legt de smaaksensatie op haar platte hand en drukt dan héééééél langzaam de wafel erop. Ik geef het meisje snel een knipoog en dank het tweetal voor het werk dat ze hebben verzet. Met de wafel in mijn hand verlaat ik de ruimte waar een ietwat gespannen sfeer hangt en zie dan op de deur staan: 'Hoe verdrietig je ook bent, ergens op de wereld heeft iemand net zijn ijsje laten vallen'.

Geen opmerkingen: