19.9.04

De kroeg

Wat ik haat aan naar de kroeg gaan is dat iedereen zo hopeloos op zoek is naar iemand van het andere geslacht. Ik wilde even lekker bijpraten met een vriendinnetje die ik een aantal maanden niet gezien had. We zaten in de Curtis, dronken wijn en bekeken elkaars foto's. Toen stonden zij daar opeens.

Drie jongens, op weg om echte mannen te worden, met een biertje in de hand en een tekort aan aandacht. 'Goedenavond dames.' De knapste opereerde op de voorgrond en z'n vrienden stonden er als schapen achter. Of hij even mee mocht kijken met de foto's. We zeiden nog nee. Speels keek hij mee over Esther haar schouder. Dat is het tweede aspect dat ik zo haat aan de kroeg. Men verstaat elkaar nooit. Of doet alsof men elkaar niet verstaat.

Hij stelde ons gehaaide vragen. Of Esther (modevakschool) hem kon uitleggen hoe een trend werd gezet. Of ik (redactie/productmanagement) hem kon uitleggen of er redacteuren werkten bij de Amsterdam Arena. Toen vertelde hij over zijn interesses. Paardrijden (hij hield vooral van buiten rijden, dat gevoel van echte vrijheid), theater (aan verschillende producties meegewerkt) en Italiaanse pakken (sja, het kost wat maar dan heb je ook wel iets heel moois). Daarna keek hij ons trots aan en vertelde nog wat over z'n eigen bedrijf. Accountant, interessant man. Vroeger was dat rekenwerk, maar tegenwoordig zóveel meer. (Maak me gek)

Ik had meteen eerlijk moeten zijn. 'Het spijt me, maar ik heb eigenlijk helemaal geen zin om met jou te praten. Ik vind paarden onvoorspelbare beesten en je baan lijkt me echt vreselijk saai. Je zit vijf dagen per week in je stoffige kantoor en omdat je tegen de dertig loopt gebruik je het weekend om meisjes van twintig te versieren. Dus flikker alsjeblieft zo snel mogelijk op naar Italie.

In plaats daarvan knikte ik wat en lachte ik wat mee. Toen ze eindelijk weg waren zuchtten Esther en ik omdat vrijgezelle mannen zo hopeloos zijn en genoten we van onze tijd samen tot de volgende eikels erbij kwamen zitten. 'Hééé meiden, is het hier gezellig?!'

En dat is het derde aspect wat ik haat aan de kroeg. Volwassen mensen die zoveel hebben gedronken dat ze de boel bij elkaar brallen als een baby.


16.9.04

Keuze

Ik zit de komende veertien dagen zonder OV. Hij is afgepakt door een trotse conducteur. Hij vond hem verminkt. Oké, hij was één keer meegewassen maar ik vond hem eigenlijk nog best mooi. Maar goed, hij zei dat we er niet uit zouden komen en wilde geen discussie. Dus hij schudde zijn kale hoofd, pakte hem af, gaf me hiervoor een zogenaamd bewijsje en liep verder. Beroofd voelde ik me. Ik had hem naar de girofoon kunnen laten bellen zodat hij kon horen dat ik geen buffertje heb voor dit soort geintjes maar toen was 'ie er al vandoor. Slim als ik ben bracht ik die middag een bezoek aan het postkantoor waar de aardige meneer achter de balie me het onaardige nieuws vertelde dat ik 37,61 moest betalen. Ik klapperde met m'n oren en pinde. Nu is het zo dat ik gisteren hele mooie laarzen zag en ik bedacht me hoe vreselijk het zou zijn als je niet gratis met het openbaar vervoer kunt reizen en ook nog eens koude voetjes hebt. Vandaar dat ik ze maar gekocht hebt. Helaas heb ik geen geld om morgen naar school te gaan. Gelukkig kan ik nu tenminste met warme voeten een beetje rondtoeren op de fiets.

13.9.04

See ya

Het traject Utrecht-Amsterdam is echt een ramp 's morgens vroeg. Zo druk. Meestal laat ik me maar meteen zakken op zo'n opklapkrukkie in het halletje van de trein. Ach, je bent jong en vitaal. Vanochtend trof ik het echt. We waren met zesjes. Ik, een Amerikaanse backpacker, een Turkse vrouw met haar dochter en een jong stel uit Engeland. We zaten daar, we zeiden allemaal niets en soms lachten we naar elkaar.

De backpacker ging eruit op Duivendrecht. 'Have a good day guys', zei hij. Het Turkse meisje moest er ook uit. Ze kuste haar moeder gedag en zei 'De volgende is Amstel'. Toen zei ze 'doei' tegen ons allemaal. Op Amstel volgde ik de vrouw. 'Tot ziens', zei ze tegen mij en het Engelse stel. 'Tot ziens' zei ik tegen haar. 'Bye' zei ik tegen het Engelse stel. 'See ya' zeiden ze in koor.



12.9.04

Lopen

Soms moet je de straat even op. Zonder dat je belt, zonder dat je haast hebt om een trein te halen. Zonder tas. Zonder telefoon. Zonder horloge. Soms moet je even een rondje lopen door de buurt waar je woont en je pony voor je ogen laten waaien.

Ik liep langs de luikjeswoningen en zag een kat op een stoepje zitten. Ik liep langs een ladder en een schilder zei 'hallo meisje' en ik zei 'hallo schilder'. Ik liep langs een grasveldje waar een klein meisje een klein hondje uitliet en haar moeder zei 'let op dat je zelf niet in de poep gaat staan' en het meisje keek naar mij met rollende ogen want natuurlijk gaat ze niet in de poep staan van haar eigen hond. Ik liep langs een meisje met een paraplu in haar hand en ze lachte naar me want in plaats van regen was er volop zonneschijn. Ik liep langs een jongen die zat te lezen in zijn vensterbank en we zeiden niets want hij las en ik liep.

Soms moet je even lopen, een stukje lopen op je teenslippers, een rondje om je huis, zo groot als je zelf wilt.


11.9.04

Contact

Hij was groot en wat papperig, droeg een zwart pak, een zwarte bril en zei 'pronto, pronto, kunnen we zometeen beginnen'? Ik dacht al dat hij een bekende regisseur was en ik had gelijk. Martin Koolhoven heet hij. Op het terras van de dierentuin werden vanmiddag foto's gemaakt voor een kinderspeelfilm die in de herfst in de bioscoop zal gaan draaien.

Ik stond achter de bar en de opnameleider en zijn assistente bestelde aardbeiengebakjes bij me en chocolademelk met veel slagroom, omdat de set 'snoeperig' uit moest zien. Ik leefde me uit met de slagroom en het meisje zei 'jij kunt wel setdresser worden'.

Ik bracht de drankjes naar buiten en bleef even staan kijken. Zo raakten we aan de praat. Ze had filmacademie gedaan en assisteerde bij de opnames van de film 'Knetter'. 'Die man in dat rode shirt speelt ook in Rozengeur en Wodka Lime', fluisterde ze, 'ken je die'? De foto's werden genomen en de opnameleider hoorde zijn assistente met me babbelen. Hij keek naar ons en ik lachte naar hem. Voor ik het wist schreef ik m'n telefoonnummer op een bierviltje terwijl ik hem vertelde over m'n opleiding en m'n aankomende stageperiode. 'Als het goed is draaien we in februari een andere film' zei hij, 'ik ga je zeker bellen Kaneel'. En zo maakte ik vandaag mijn eerste contact in de wereld van de speelfilm.

Einde.

8.9.04

Restaurant de Boerderij

De keuken ruikt naar pannenkoeken, de spoelmachine maakt lawaai, de radio staat aan, de sloven liggen op de derde plank in de rechterkast, de kok maakt grapjes, het bestek wordt in boerenbonten servetten gerold; op het werk is altijd alles hetzelfde. Een rustpunt in de week zou ik haast bijna zeggen.

Vandaag was m'n eerste werkdag sinds ik terug ben uit Frankrijk dus sommige dingen waren wel wat anders. Tomatensoep wordt tegenwoordig aangeslagen als 'soep A' en uiensoep als 'soep B' en de rietjes zijn niet langer wit-groen gestreept maar dragen het merk Fristi. Op tafel tien kan men lekker een tijdschriftje uitzoeken en voor buiten hebben we nieuwe asbakjes die gedeeltelijk gesloten zijn zodat de as bij windkracht tien niet in je soep waait. Maar het zal nooit naar verf ruiken als je de keuken inloopt en dat is gewoon prettig om te weten.

Franse vrienden 2

Een van de Franse jongens gaf me een kus toen we uit de witte Renault stapten. Een paar dagen eerder hadden we elkaar verkering gekust. Op een warme zomeravond, vlak voor het bord 'roulez au pas'. Daarna dronken we rosé om te vieren dat we elkaar gevonden hadden. Ik zag een ster vallen en wenste dat alle meisjes op de wereld zou gelukkig zouden zijn als ik.

Die ochtend waar we niet over na wilden denken kwam. Hoeveel sterretjes ik ook gewenst had dat we geen afscheid van elkaar hoefden te nemen. Hij bestelde thee voor mij in de bar en warme chocolademelk voor zichzelf en we aten vers brood met abrikozenjam. Op z'n frans, zonder bord. Hij sopte z'n brood in de chocomel, ik lachte en hij gaf me een knipoog. Na het ontbijtje klom ik op schoot en hij herinnerde me aan al onze afspraken. Huilen mocht, maar was niet noodzakelijk, want hij zou terug komen. Dit was pas het begin. Toch proefde de kus die ik hem gaf zout van mijn tranen. Ik begroef mijn hoofd in zijn trui. Dit was pas het begin.

Dertien dagen en zestig smsjes later stapte hij uit de Thalys. Het regende en Amsterdam zag grijs. Het kon ons niets schelen, want het begin kon nu verder gaan. Ik lachte en stond op het puntje van m'n tenen om hem te knuffelen. We gingen naar Utrecht waar ik Bienvenue op het whiteboard in de keuken had geschreven. We kletsten en knuffelden en het weer pastte zich aan ons aan. De zon kwam tevoorschijn. Ik kookte en we aten in de tuin. 's Avonds gingen we naar het strand en toen we terug kwamen verbouwden we m'n kamer zodat er een kingsize bed op de vloer pastte. De volgende ochtend bakte ik broodjes af en maakte ik warme chocomel.

Zes dagen later gaven we elkaar een hele zoute kus. Maar hij komt terug. Dit is pas het begin.