28.1.07

Engelengeduld

M. heeft een hekel aan Ikea meubelen. Onbegrijpelijk vindt hij het dat er mensen zijn die spaanplaatkasten kopen waar gaatjes in zitten. Als je ziet wat voor meubels er uit zijn eigen handen komen begrijp je wat hij hiermee bedoeld. En lucky me dat die bouwpakketten met gebruiksaanwijzingen mij voor de rest van mijn leven gespaard blijven. Uiteraard bezoeken we Ikea wel om leuke snuisterijtjes te kopen. Lees: afwasborstels met zuignap, rietjes en fotolijstjes. Stapvoets reden we vandaag de parkeergarage van de blauwe blokkendoos in en vonden na ongeveer twintig minuten een parkeerplek. We sloegen de showroom over en wandelden van de vergieten naar de dekbedovertrekken en lampen. Ik koos een mooie kroonluchter uit voor op mijn 'werkkamer'. Aangekomen bij de lijsten wilde M. al doorlopen naar de kamerplanten maar ik floot hem terug. Immers, die ene witte muur in de woonkamer is wel heel erg wit. En zo kwam het dat wij bij de kassa stonden met twee donkerkleurige RIBBA wissellijsten en posters van prachtige stillevens. Close-ups van hele natuurlijke materialen; groene takken in vazen en in houten bakjes. Zó naturelle en dus prachtig bij de teaklook van onze woonkamer.

Eenmaal thuis begon het gedonder. Met een volle buik van de ietwat te vettige Zweedse balletjes probeerde ik uit alle macht de plaat hardboard na het plaatsen van de poster terug te drukken in de lijst. En wel op die manier dat de buigveertjes te zien bleven en vervolgens omgebogen konden worden. Het lukte me niet. M. moedigde me aan niet op te geven en toch deed ik het. Die plaat had best wat kleiner gekund, en niet zo precies-pas. Ik gaf het stokje aan hem over en na enkele pogingen lukte het M. de plaat erin te drukken. De kunst volgens hem: beginnen in de goede hoek en met beleid te werk gaan. Fantastisch. Nummer twee volgde snel en juist toen we blij waren dat de posters erin zaten ontdekte ik de klemmetjes met ijzerdraad die als ophangsysteem dienden. Te laat.

Zuchten, buigveertjes terugbuigen, platen er weer uit, klemmetjes eraan, ijzerdraadje strak draaien, platen (met uiteraard zeer veel beleid) er weer in en ophangen maar. Ik slaakte een zucht van verlichting en M. pakte de lijst krachtig en mans op om hem aan de muur te hangen toen bleek dat beiden posters opsekop hingen, of beter gezegd, we het ijzerdraadje aan de verkeerde kant hadden bevestigd. Daar gingen we weer. In totaal een uur later ploften we vermoeid doch tevreden op de bank neer en bekeken onze nieuwste aanwinsten. M. stond op en verzuchtte dat de rechterhoek van de rechterlijst niet verstek was. Ik probeerde niet te kijken naar de stofdeeltjes achter het glas. Belangrijker; het is ons gelukt en de muur is absoluut een heel stuk minder leeg en wit.

27.1.07

Saartjes

Toen mijn oma op 15 mei 2006 overleed zei mijn opa: 'ik heb gelukkig nog heel veel Saartjes in mijn kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen'. Ik vind dat een van de mooiste en liefste dingen die mijn opa in die dagen heeft gezegd. Nu is het zo dat onze familie gezegend is met een heleboel meisjes. En ik begrijp steeds beter wat hij bedoeld. Als ik kijk naar mijn moeder en ik hoor haar praten of lachen zie ik soms mijn oma. Dan hoop ik dat zij haar moeder ziet in ons.
Imago

Een sportief meisje ben ik nooit geweest. Ik ben wel vrij beweeglijk maar je zag mij vroeger doordeweeks niet 'trainen' of in het weekend op het sportveld staan. Dat betekent: geen hockeysticks in de gang, geen bekers, geen vaantjes, geen trotse ouders langs de lijn. En blij toe. Op een blauwe maandag ben ik badmintonles gaan volgen. Ik kreeg een echt Yonex-racket met beschermhoes en liet de shuttle eenmaal per week naar hartelust over het net vliegen. Eigenlijk heb ik geen idee hoe lang ik dit heb volgehouden. Een wedstrijd heb ik volgens mij nooit gespeeld. Daar moet je toch niet aan denken in het weekend. Sportieve vriendinnetjes had ik wel. Eentje kon echt lezen en schrijven met paarden en pony's en stond het liefst elke middag na school haar Black Beauty te roskammen. Meestal verzon ik een goede smoes om niet mee te hoeven. In de schoolpauzes was het dan weer lastiger om onder haar paardenhobby uit te komen; we hadden van die leren rijtuigjes in het 'materialenhok' en omdat zij natuurlijk ruiter was (het zou onmogelijk zijn dat ik een keer de teugels in handen nam) hees ik mijn bovenlichaam keer op keer in het tuigje en ging op haar commando in 'galop', 'draf' op 'stap'. Ze vond dat ik niet goed kon hinniken en briesen; wakker lag ik hier niet van.

Gym op de basisschool vond ik altijd leuk, vooral als we met 'pittenzakjes' op ons hoofd door de zaal moesten lopen. Ik was steengoed in het vinden van de balans; een belangrijke skill voor mijn latere leven. Dingen met ballen en matten vond ik minder. De laatste jaren heb ik weinig aan sport gedaan. Hierover zal ik niet te lang uitweiden. Ik bedoel die enkele keren dat Moos en ik besloten 'echt weer te gaan hardlopen' liepen meestal uit op een kwartier lang heftige pijnscheuten in de zij. Maar wat ik toen nog niet wist weet ik nu wel. Het gaat allemaal om de hartslag. En deze mag in mijn geval niet hoger dan 166 zijn, zo vertelde de meneer van de sportschool. En zo wist deze zekere Erik me te overtuigen van het feit dat sport 'lekker' is. Nooit had ik het zo ervaren. En zo komt het dan dit A-sportieve meisje nu naar de sportschool gaat en als een dolle staat te steppen en fietsen. Daarna een rondje apparaten voor de rug, buik, schouders, kuitjes en wat al nog niet meer. Deze week ben ik twee keer geweest en ik geloof dat het me goed heeft gedaan. Ik ben bang dat ik er echt van ga genieten. Dan zal mijn imago na 23 jaar voor eeuwig geschonden zijn.

21.1.07

In de voetsporen van...

Als het vroeger op de basisschool ging over het werk van je vader en moeder, vond ik één ding altijd bijzonder opvallend... Al die vaders van kids uit mijn klas werkten op kantoor. Het kon haast geen toeval zijn, heb ik altijd gedacht. Misschien zat ik op een school voor kinderen met vaders die op kantoor werkten, en was mijn vader toevallig geen kantoorganger. Later besefte ik dat 'kantoor' niet persé een bedrijf was, maar een plek in een gebouw waar je je overdag bevond als je bij een willekeurig bedrijf werkte.

Mijn vader was filmer, later noemde ik hem cameraman, en toen ontdekte ik zelfs dat hij ook wel eens op kantoor was, maar dat dan weer 'de zaak' of 'Hilversum' noemde. Bijzonder verwarrend allemaal. Mijn vader en moeder hebben elkaar leren kennen op de set. Tijdens opnames in de woestijn van Israël. Mijn moeder was scriptgirl en na een lange opnamedag zijn ze 's avonds samen 'verdwaald'. Vier maanden later zijn ze in Nederland getrouwd.

Als klein meisje heb ik nooit geroepen dat ik televisieprogramma's wilde maken. Toch kwam het vorig jaar op mijn pad. En natuurlijk roept nu iedereen; '...kiiind je gaat je ouders achterna!'. Dan lach ik wat, alsof ik het al jaren wist. En ik moet zeggen, het heeft ook wel wat, als je vader je belt om te zeggen dat hij met dezelfde geluidsman heeft gedraaid als jij het weekend ervoor.

20.1.07

Feestje

Gisteren struinde ik wat over de markt, en besloot fruit te kopen. Ik mocht een mandarijntje proeven en nam er toen maar vijfentwintig. Immers, vijfentwintig mandarijntjes drrrie eurootjes. Twee ananassen; een euro. Ik paste voor de ananassen, maar kocht nog wel appels, kiwi's en sinaasappels. Ik ben iemand die aantallen noemt. Ik heb het niet zo op onsjes en ponden. Veel te ingewikkeld. Je kunt bijvoorbeeld zeggen, 'doe mij maar een kilo sinaasappels', en dan blijken het vier stuks te zijn. Daarom zeg ik liever '...en zes sinaasappels alstublieft'. Het brengt een stuk duidelijkheid met zich mee. Bepakt en bezakt met de berg fruit begaf ik me naar mijn fiets, en vlak voordat ik de zware tassen op de grond wilde zetten werd ik verleid door een jongeman die riep, nee blerde, nee schreeuwde: 'kilo heerrrlijke sperzieboontjes... een euro vijftig!!'. Ik twijfelde geen seconde. 'Doet u mij maar een kilootje' zei ik trots. Geen geld! En daar ging het mis. Ik kreeg een zak boontjes mee waar ik vijf weken mee vooruit kan. De jongen naast me, die net een prei overhandigd kreeg, keek me wat vervreemd aan. 'Feestje...' zei ik vlug.
My lord, een sperziebonenfeestje, hij zal wel gedacht hebben...

17.1.07

Dagje Laren

Zondag scheen de zon. Zondag reden M. en ik langs de huizen van piloten, tandartsen en hersenchirurgen naar de Tafelbergweg in Laren. We hebben de Golf geparkeerd en zijn de berg overgestoken. We hebben gekletst en gewandeld en wilden koffie drinken en een taartje eten, maar helaas, de serveerster had geen tafel meer over. Toen we via de andere kant terugliepen gleed ik bijna uit op het wildrooster. Ik kon me nog net vastklampen. Daarbij viel wel mijn haarknip, die in mijn linkerjaszak zat, door het rooster naar beneden.

Tevergeefs roerde ik met een tak in de vorm van een katapult door de gaten van het rooster. Een vrouw die ons passeerde ('Floris, Juliette, uitkijken hier!') keek me vernietigend aan en zei 'maar even langs de Hema voor een nieuwe he...' Ik lachte schaapachtig maar liet het er niet bij zitten. M. keek, zoals het een echte kerel betaamt, eens om zich heen, pakte twee flinke takken en schepte de knip behendig naar boven. Met mijn knuistje zo ver mogelijk in het rooster kon ik de knip net op tijd aanpakken.

14.1.07

Heimwee

Als ik vroeger in de zomer met mijn ouders naar Frankrijk ging, kon ik eenmaal weer thuis een vreselijk heimwee gevoel krijgen. Soms leek het zelfs alsof ik de hele trip en daarbij horende avonturen en mensen niet echt had meegemaakt. Ik had het gevoel ook na de zomerfeesten op de Neude. Thuis had ik geen idee wat ik moest doen, ik bleef nog dagen doorlopen in een soort van roes en vroeg me na enkele dagen af of het feest wel echt had plaatsgevonden. Een soort zelfde gevoel heb ik nu, na twee dagen draaien in Zeeland. Met vijftien man hebben we in Middelburg en Domburg twee straten opgenomen. We hebben hard gewerkt, veel gelachen en de heerlijkste vis gegeten. We hebben in een luxe hotel overnacht, hebben gedanst en zijn de hele dag buiten geweest. Gisteravond was ik moe en nu misschien nog steeds. En weer is daar die roes. Vandaag heb ik met M. door het bos gewandeld in Laren. We hebben over de Tafelberg gelopen en ik heb een pannenkoek met appel, rozijnen en kaneel gegeten. Hopelijk ben ik snel weer terug op aarde zodat ik daar een leuk stukje over kan schrijven.